Doorgaan naar inhoud
Verschil tussen een AED en een defibrillator

AED of defibrillator: wat is het verschil?

Bart de Visser, AED-specialist bij AEDwijzer
Geschreven door
Meer dan 15 jaar ervaring in AED's & hartveiligheid · AEDwijzer
Gepubliceerd op 13 oktober 2026

Kort antwoord: Een AED is een defibrillator, maar niet elke defibrillator is een AED. "Defibrillator" is de verzamelnaam voor apparaten die met een elektrische schok het hartritme kunnen herstellen. Een AED (automatische externe defibrillator) is de variant die iedereen mag gebruiken: hij analyseert zelf het hartritme en vertelt je wat je moet doen. Een ICD is juist een defibrillator die een arts in je lichaam plaatst.

De woorden AED, defibrillator, ICD en AICD worden vaak door elkaar gebruikt. Logisch, want ze hebben allemaal hetzelfde doel: een gevaarlijk hartritme doorbreken met een stroomstoot. Toch zijn het heel verschillende apparaten, met een andere gebruiker en een andere plek. In dit artikel zetten we de verschillen helder op een rij, zodat je precies weet waar iedereen het over heeft.

Wat is een defibrillator?

Een defibrillator is een apparaat dat een elektrische schok geeft om het hartritme te herstellen. Bij een hartstilstand staat het hart vaak niet helemaal stil. De hartkamers worden dan heel snel en chaotisch geprikkeld, waardoor het hart niet meer goed kan samentrekken en geen bloed rondpompt. Dit heet kamerfibrilleren. Een schok kan het hart als het ware resetten, zodat het weer normaal kan gaan kloppen.

Onder de noemer "defibrillator" vallen grofweg drie soorten:

  • De AED: een draagbaar apparaat voor iedereen, bijvoorbeeld in een sportkantine, winkelcentrum of op het werk.
  • De handmatige defibrillator: voor zorgprofessionals, zoals in het ziekenhuis.
  • De ICD: een kleine defibrillator die in het lichaam wordt geïmplanteerd.

Daarnaast bestaat er een draagbare defibrillator in de vorm van een vest. Daar komen we verderop kort op terug.

AED vs defibrillator: wat maakt een AED bijzonder?

AED staat voor automatische externe defibrillator. Elk woord zegt iets:

  • Automatisch: je hoeft geen hartfilmpje te lezen en geen schokenergie te kiezen. Het apparaat doet dat zelf.
  • Extern: je gebruikt hem van buitenaf, met twee elektroden die je op de borst plakt.
  • Defibrillator: hij kan een schok geven als dat nodig is.

Via de elektroden meet de AED het hartritme. Daarna vertelt hij met gesproken instructies wat je moet doen, bijvoorbeeld doorgaan met reanimeren of op de schokknop drukken. Een AED geeft alleen een schok als hij een schokbaar ritme meet. Is dat er niet, dan werkt de schokknop niet. Je kunt dus niet per ongeluk iemand een schok geven die dat niet nodig heeft. Wil je precies weten wat er in het apparaat gebeurt, lees dan hoe een AED werkt.

Er zijn AED's waarbij je zelf op de schokknop drukt en volautomatische AED's. Het verschil leggen we uit in ons artikel over halfautomaat en volautomaat.

Wie mag een AED gebruiken?

In Nederland mag iedereen een AED gebruiken, ook zonder cursus. Een training helpt wel: je handelt sneller en met meer vertrouwen. Meer hierover lees je in wie mag een AED gebruiken.

De handmatige defibrillator in het ziekenhuis

Bij een handmatige defibrillator beoordeelt de hulpverlener zelf het hartritme op een scherm en beslist hij of zij over de schok. Volgens de internationale reanimatierichtlijnen is zo'n apparaat daarom alleen bedoeld voor hulpverleners die een hartritme bij een hartstilstand snel en goed kunnen herkennen. Zorgprofessionals die gespecialiseerde reanimatie geven, moeten met beide kunnen werken: met een AED én met een handmatige defibrillator. Hangt er al een AED aan als zij aankomen, dan volgen ze eerst de aanwijzingen van die AED.

ICD defibrillator: de ingebouwde defibrillator

Een ICD (implanteerbare cardioverter defibrillator) is een klein apparaatje dat ingrijpt bij gevaarlijke hartritmestoornissen. De term AICD (automatische implanteerbare cardioverter defibrillator) betekent hetzelfde. Een ICD bestaat uit een kastje en één tot drie elektrodedraden. Die draden registreren het hartritme en geven signalen door aan het hart.

Wat doet een ICD?

  1. Hij bewaakt het hartritme voortdurend.
  2. Bij een te snel kamerritme probeert hij eerst het ritme te herstellen met snelle, kleine stimulatiepulsen. Die voel je meestal niet.
  3. Helpt dat niet, of fibrilleren de kamers, dan geeft hij een schok.
  4. Is je hartslag te traag, dan werkt hij als pacemaker.

Dat laatste is meteen het verschil met een gewone pacemaker: een pacemaker kan het ritme alleen bijsturen, een ICD kan ook ingrijpen bij een levensbedreigende ritmestoornis.

Defibrillator inplanten: hoe gaat dat?

Een cardioloog kan een ICD adviseren als er al een gevaarlijke ritmestoornis is vastgesteld, zoals ventrikeltachycardie of ventrikelfibrilleren, of als je een verhoogd risico hebt op een ritmestoornis of hartstilstand. Bij de gangbare ICD zit het kastje meestal onder het linkersleutelbeen en lopen de draden via een ader naar het hart. Het plaatsen gebeurt grotendeels onder plaatselijke verdoving en duurt een uur tot een paar uur. Er bestaan ook varianten waarbij de elektrode onder de huid langs het borstbeen ligt en het kastje links onder de oksel zit, zoals de S-ICD.

Moderne ICD's gaan tussen de 7 en meer dan 10 jaar mee, afhankelijk van het type en het aantal schokken. Daarna wordt het kastje vervangen. Meestal ga je twee keer per jaar naar het ziekenhuis voor controle. Nederland telt volgens Stichting ICD-dragers Nederland zo'n 60.000 ICD-dragers.

Kort: de draagbare defibrillatorvest

Een draagbare defibrillator, bijvoorbeeld de LifeVest, is een vest dat je onder je kleding draagt. Het bewaakt continu je hartritme en kan bij bepaalde levensbedreigende snelle hartritmes zelf een schok geven, zonder hulp van anderen. Het vest wordt tijdelijk voorgeschreven, bijvoorbeeld als overbrugging tot een (nieuwe) ICD geplaatst kan worden. Je draagt het dag en nacht, ook tijdens het slapen. Het vest behandelt niet alle hartproblemen, dus bij een noodsituatie bel je altijd 112.

De verschillen op een rij

AED Handmatige defibrillator ICD Defibrillatorvest
Waar? Openbaar, werk, sport Ziekenhuis, professionele zorg In het lichaam Op het lichaam
Wie bedient hem? Iedereen Getrainde zorgprofessional Werkt zelfstandig Werkt zelfstandig
Ritme beoordelen Automatisch Door de hulpverlener Automatisch, continu Automatisch, continu
Voor wie? Iedereen met een hartstilstand Patiënten in de zorg Patiënt met verhoogd risico Patiënt, tijdelijk

Wat te doen bij een hartstilstand?

Denk je dat iemand een hartstilstand heeft? Bel altijd eerst 112 en begin direct met reanimeren. De meldkamer kan burgerhulpverleners in de buurt oproepen, waarvan sommigen een AED gaan halen. Zodra de AED er is, zet je hem aan en volg je de instructies. Ook als de AED geen schok geeft, blijf je reanimeren tot de hulpdiensten het overnemen. Fris je kennis op met ons artikel weet jij hoe je moet reanimeren?

Veelgestelde vragen

Is een AED hetzelfde als een defibrillator?

Een AED is een soort defibrillator, namelijk de automatische variant voor leken. Andere defibrillators zijn de handmatige defibrillator voor zorgprofessionals en de ICD die in het lichaam wordt geplaatst.

Mag je een AED gebruiken bij iemand met een ICD of pacemaker?

Ja. Volgens de Nederlandse Reanimatie Raad mag een ICD of pacemaker het plakken van de elektroden niet vertragen. Plak de elektrode zo mogelijk naast het kastje. Volg verder gewoon de instructies van de AED.

Wat is het verschil tussen een ICD en een AICD?

Er is geen verschil. AICD en ICD zijn twee namen voor dezelfde implanteerbare defibrillator.

Kan een AED iemand onterecht een schok geven?

In principe niet. Een AED kan alleen een schok geven als hij een schokbaar hartritme meet. Twijfel je welke AED bij jouw situatie past, vergelijk dan AED's of bekijk ons aanbod AED-apparaten.

Vragen over welke AED bij jou past?

We helpen je graag met advies. Bel 085-8005577 (werkdagen 09:00 tot 17:00 uur) of mail info@aedwijzer.nl.

Vorig artikel AED piept of knippert rood: wat nu?
Volgend artikel Wat is een AED? Betekenis, afkorting en uitleg